Zou ze beseffen dat ze elke dag opnieuw de keuze maakt?

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin

Zittend op een plastic wiebelstoel wacht ik op m’n frites en kijk een beetje om me heen. Ineens heb ik oogcontact: een klein jongetje van een jaar of drie kijkt me met donkere ogen aan. Hij zit in een buggy. En dan, naast hem, zie ik haar, zijn moeder. Een jonge vrouw, eind twintig. Haar ogen zijn ergens anders op gericht. Het jochie heeft een smartphone in zijn handjes, hij snottert en jengelt een beetje, maar ze heeft geen tijd voor hem. Al haar aandacht gaat naar de gokkast. Sorry, naar de twéé gokkasten, waar ze om de haverklap geld in gooit. Haar zoontje negeert ze. 

Ze let niet op haar peuter. Ze zit compleet in haar eigen wereld en heeft ook niet in de gaten dat ik haar observeer. Haar haar in een slordige knot, een dikke laag make-up, en nogal aanwezige nepwimpers. Aan haar voeten sportsokken en sandalen, niet de dure merken die nu hip zijn, meer een mislukte poging daartoe. 

De lampjes en geluiden van de gokkasten stoppen, maar ze is nog niet klaar. Ze loopt naar de kassa om geld te wisselen en gooit opnieuw in allebei de kasten munten. Vijf minuten lang drukt ze onophoudelijk op de knoppen. Daarna is het geld weer op. Er is, uiteraard, geen geld uitgekomen.

Pas dan praat ze voor het eerst tegen haar kindje. Ik versta niet goed wat ze zegt, maar de toon en lichaamstaal zijn niet lief. Aanraken doet ze hem niet, wel pakt ze haar smartphone terug. Ze helpt hem niet eens met zijn snotneus. Met de buggy aan één hand en haar smartphone in haar andere, loopt ze naar buiten.

De triestigheid straalt ervan af. Ik heb met haar te doen, en nog net iets meer met dat jochie. Dit kan toch niet zijn hoe ze het vroeger heeft bedacht? Ik denk van alles, maar wie ben ik? Ik weet niet hoe het is om in haar schoenen te staan, haar leven te leven. Wie weet waar ze naar toe liep, hoe haar thuissituatie is. Ik kijk ze na tot ik ze niet meer kan zien. 

Zonder al te veel enthousiasme pak ik een frietje. Ze zijn koud, maar dat maakt niet uit, de eetlust was me al vergaan…