Toen hij me voor het eerst sloeg, troostte ik uiteindelijk hém …

‘Je bent verkracht’. Toen mijn psychiater die woorden tegen me uitsprak en zei dat het misschien wel een goed idee zou zijn als ik ze zelf ook eens hardop probeerde te zeggen, zei ik nog steeds niks. Keek nietsziend voor me uit. Slikte een paar keer. En begon al half verzachtende omstandigheden te mompelen. Maar hij had, en heeft, gelijk.

Dat ik een relatie had met de klootzak, maakt niet dat hij me niet verkracht heeft. Meer dan eens. Die harde realiteit onder ogen zien, écht accepteren, was, en is nog steeds, geen feestje. Maar wel nodig om verder te kunnen. Wat er fysiek gebeurt, verdwijnt meestal. De herinneringen daarentegen, hoe je mentaal achterblijft, is een heel ander verhaal.

Want ik, degene waarvan iedereen zegt ‘die heeft het helemaal voor elkaar’. Gezond, niet lelijk, lieve, leuke én knappe vent, allebei een goeie job, mooi huis, het liefste poezebeest en gezegend met een paar heel dierbare vriendinnen…ook ik ben misbruikt. #IkOok, geldt ook voor mij.

Ondertussen is het al ruim 20 jaar geleden, van 1995 tot 1998. Het ging bij mij dan ook niet om een ‘bekende’, maar om degene waar ik mee ‘samen’ was. Alles bij elkaar duurde het een kleine drie jaar. Drie jaar waarin iedereen met hem wegliep want ‘o zo behulpzaam en sociaal’. En ik knikte en glimlachte. Echt, er is een begenadigd actrice aan mij verloren gegaan.

Die eerste klap, dáár gaat het mis…

Waarom het was weet ik niet eens meer. Wat ik nog wel weet, is dat ik naar de slaapkamer liep en daar op de rand van het bed zat, mijn hand tegen mijn gloeiende wang, tranen brandend in mijn ogen. Verbijsterd. Lamgeslagen. Even later kwam hij naar me toe. Overlopend van spijt, tranen (die van het krokodillensoort, maar dat besefte ik toen nog niet) in zijn ogen en op zijn knieën voor me. Het zou écht nóóit meer gebeuren, en hij hield toch zoveel van mij en dat moest ik toch weten. Zijn hoofd in mijn schoot, lag mijn hand ineens op zijn haar en was ik degene die hém troostte. En dat was het begin van een ‘slippery slope’: een heel gevaarlijke gladde helling.

Dom, dik, ongeliefd

Je wordt beetje bij beetje, heel subtiel, steeds meer gemanipuleerd.
‘Want weet je wel dat je vrienden (zíjn vrienden) alleen maar met je omgaan omdat ze hem zo aardig vinden? Jij bent dom, en een vervelende betweter.
Waarom ga je naar je moeder? Híj heeft je nodig. Je moet voor hém zorgen.
Hoe kan het dat er geen cola in huis is? En bám, daar komt de klap. Maar dat komt door jou, want je haalt echt het bloed onder zijn nagels vandaan. Dat snap je toch wel? Je moet hem niet zo provoceren!’

Hardop uitspreken dat iemand je terroriseert, dat doe je niet zomaar. Bovendien, en dat is misschien wel het meest verneukeratieve, verleg je je grenzen zo geleidelijk dat je het, zeker in het begin, niet eens in de gaten hebt. Ik sloot ik me niet thuis op, ik vroeg niet om hulp. Ik ging juist meer uit en werd nog ‘vrolijker en uitbundiger’ dan daarvoor. Dat had ook een voordeel want ‘buiten de deur’ was veiliger dan binnenshuis.

Schaamte en schuld zijn killing

De schuld en schaamte die je met je meedraagt, kan ik niet uitleggen. Want echt, alle vragen die buitenstaanders stellen, heb ik mezelf ook gesteld. Wel duizend keer. ‘Had ik niet dit of dat, had ik niet zus of zo, had ik niet meer van dat, had ik niet minder van dit…’Jarenlang.

Want ik gaf het vechten op. Ik zei geen ‘nee’, ik zei niet ‘hou op’. Ik zei niks. Deed zelf mijn slipje uit. Ging zelf liggen, benen gespreid. Volgens heel veel ‘dames en heren geleerden’, is het dan ‘dus’ geen verkrachting. Ik zou zeggen ‘denk nog maar een keer’. Het is namelijk fysieke én geestelijke verkrachting. Niet ‘meewerken’ betekent waarschijnlijk ook nog ‘ns blauwe plekken en pijnlijke ribben. Als je bang bent om ‘nee’ te zeggen, is het verkrachting. Je ontworstelen aan een gewelddadige relatie is niet zo eenvoudig als het lijkt.

Die ene laatste druppel?

Die is voor elke vrouw anders. Bij mij duurde het bijna drie jaar, en toen was het ook echt over. Hij heeft me nog weken lastig gevallen maar ondertussen vertelde ik heel voorzichtig heel kleine beetjes aan een heel klein kringetje mensen. Mensen waar hij geen relatie mee had, zodat ik veilig was.

Mea Culpa

Vóór dit alles was ik ook zo’n stomme muts die heel hard riep: ‘Dan mep je hem toch terug!’ En over banden lek steken, en aan de hele wereld kenbaar maken dat het een grote kl**tzak is. Enzo.  Terugkijkend schaam ik me hier meer dan een beetje voor. Ik sprak zó ontzettend voor mijn beurt…

Schijn bedriegt soms

En nu spreek ik me hardop uit. Via het platform Nouveau. Het is tegenwoordig een tikje gevaarlijk woord, maar ‘gemiddeld’ denken mensen van mij dat ik ben opgegroeid als het spreekwoordelijk verwende prinsesje dat door het leven fladdert en danst. Aan de buitenkant ziet het er misschien inderdaad wel zo uit, maar schijn bedriegt…

We moeten weten dat het ook vrouwen overkomt van wie je denkt: ‘O, die is zo sterk, die laat niet met zich sollen, die laat zich niet in de luren leggen’.  Ook vrouwen die sterk lijken, waar alles perfect lijkt te zijn, kunnen slachtoffer zijn van seksueel misbruik. We zijn niet altijd sterk, we zijn niet altijd weerbaar. Al helemaal niet wanneer je tot in het diepste van je ‘zijn’ wordt bezeerd. Daarbij maakt het niet uit of je je aanvaller wel of niet (heel goed) kent…

Ik spreek me uit, want misschien geef ik één vrouw wel dat ene zetje waardoor ze voor zichzelf opkomt, hulp te zoeken, en misschien zelfs aangifte te doen. Samen sterk, in deze context nu belangrijker dan ooit. Praat, met je moeder, zus, vriendin, iémand, wie dan ook.
Mail mij, dat mag ook!
Maar alsjeblieft, blijf er niet langer mee rondlopen zodat het je (nog verder) kan opvreten van binnen…


*Geschreven voor Nouveau, publicatiedatum 24-01-2022*

 

 

1 reactie

  1. Henny 26 januari 2022 om 14:54- Beantwoord

    Oh Syl, gelukkig heb je nu een geweldige relatie!

Reactie plaatsen