17(!) redenen waarom een gebrek aan lengte zo frustrerend is…

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin

Vroeger dacht ik dat het aan mijn chauffeurskunsten lag, of dat ik gewoon een allround kluns was. Maar dat is allemaal niet zo. Het komt meestal doordat ik klein ben. Mijn lengte is een schamele 1,65m. Officieel zelfs nog minder, namelijk 164,5cm. Aldus de arts van de kliniek die ons om het jaar aan een grondig bodyscan onderwerpt. Maar één-viér-en-zestig klinkt nog zieliger, dus ik hou het op 1.65m.

Het heeft me er overigens niet van weerhouden op lange mannen te vallen. Met als uiteindelijk resultaat mijn Lief van 1,91. Zelfs met mijn hoogste hakken ben ik nog steeds kleiner dan hij, en kan ik altijd heerlijk bij hem wegkruipen.

Ja, ik draag hier hoge hakken 😉

Lange vrouw, korte man?

Het is politiek volkomen a-correct maar ik kijk echt altijd met verbazing naar heterokoppels waarbij zij langer is dan hij. Ooit had ik een date met iemand die zich online langer had voorgedaan dan hij was. Ik had lage sleehakken aan, dus laat ik 1.70m geweest zijn. En ik kon op zijn hoofd kijken. Dat was dus direct een no-go. Edoch, assertief als ik vaak ben, ontbrak het mij daar op dat moment nogal aan dus volgde er zelfs nóg een date. Uiteindelijk heb ik ‘m, heel laf, gedumpt met een sms.

Maar goed, terug naar mijn eigen gebrek aan lengte. En natuurlijk kun je nu zeggen ‘waar maak je je druk om?’ Inderdaad, er zijn ergere dingen, maar hé, dit zijn voor mij wel dagelijkse (!) struggles.

Voorbeelden te over:

1. Met laagstaande zon heb ik helemaal níks aan de zonneklep in mijn auto.

2. In het vliegtuig kan ik amper bij het bagagevak. Met een beetje pech komt mijn tas weer terug op mijn hoofd, maar meestal is mijn Lief zo attent het voor mij te doen.

3. Pré-Corona (wat lijkt dat onvoorstelbaar lang geleden) raakte ik in een menigte de rest kwijt, en zij mij ook.

4. Alle broeken, behalve mijn Levi-jeans, (daar kan ik gewoon 28-30 intikken) zijn per definitie €20,- duurder omdat ze áltijd ingekort moeten worden

5. Mensen vinden je schattig. Ik ben van alles, maar volgens mij niet schattig.

6. Ergo: ik maak dus geen indruk als ik boos ben op mijn Lief en schreeuw. Het resultaat is meestal: ‘Je bent lief als je boos bent. Koffie? ‘

7. Bij groepsfoto’s moet ik vooraan staan, en mijn Lief ‘dus’ achteraan. Áls ik al op een groepsfoto wil, dan wél samen graag ja!

8. Concerten met staplaatsen? Been there, done that. Nooit meer.

9. Probeer maar ‘ns serieus genomen te worden, of elegant je benen over elkaar te slaan als je op een stoel of bank zit waarbij je met het puntje van je tenen nog niet eens de grond raakt. Dus nee, ik zit niet op het randje van mijn stoel omdat ik zo waanzinnig geïnteresseerd ben in wat je te zeggen hebt, ik wil gewoon de grond onder mijn voeten voelen.

10. Voor een zakelijke fotoshoot met Lief werd ik op een kratje gezet. Niet grappig. Lief daarentegen had even nodig om bij te komen van een lachstuip.

11. Ik moet een rondje om onze eettafel lopen om ‘m helemaal te kunnen lappen.

12. De ramen van mijn auto krabben? In het midden blijft altijd zo’n irritante witte streep over. Klein én korte armen.

13. Of dat ik bijna uit mijn auto val omdat ik probeer mijn bankpas tegen de kaartlezer van de parkeergarage te houden. Om vervolgens het bankpasje te laten vallen. En dat de deur dan niet ver genoeg open kan omdat ik natuurlijk toch al loeistrak langs dat apparaat rij, want anders kan ik er immers sowieso niet bij.

14. Hoe zou jij het vinden als je PT je moet óptillen (letterlijk!) zodat je de stang vast kunt pakken waar je vervolgens stuk mag gaan op pull ups?   

O, en Albert Heijn, twee dingen:

15. Zorg svp voor genoeg krukjes waar wij shorties op kunnen staan zodat we niet steeds om hulp hoeven te vragen. Voorkomt ook dat ik de randen van jullie stellingen sloop want ja, daar ga ik op staan als ik ergens niet bij kan.

16. Én, als jullie dan toch bezig zijn: Kunnen jullie de hengsels van de boodschappentassen verstelbaar maken? Want mijn tas sleept dus over de grond als ik mijn arm gewoon laat hangen.

17. Thuis heb ik ook een krukje op de overloop. En in de kelder, en in de logeerkamer, en in de slaapkamer, en in de schuur met tuinspullen óók. Lees: er zwerven minimaal vijf krukjes in mijn huis! *zachtjes huilt *

Dus ja:

Helemaal geen voordelen dan? Jawel hoor, ik hoef thuis nooit lampjes te vervangen.